Zorg voor leerlingen

  

Leerlingenzorg op groepsniveau

Het is de taak van de groepsleerkracht om de ontwikkeling van elke leerling te volgen. De school zal gedurende de schooljaren 2011-2015 de

1-zorgroute geheel doorvoeren. Groepsleerkrachten geven vorm aan de leerlingenzorg door het afnemen van toetsen, het analyseren van toetsen, observeren en voeren van gesprekken met ouders en leerlingen. Met deze gegevens beschrijft de groepsleerkracht de onderwijsbehoeften van de leerlingen.  Deze worden zoveel mogelijk vertaald en vastgelegd in een groepsplan.

Voor het vastleggen van de ontwikkeling in iedere groep wordt een vaste groepsadministratie bijgehouden.

Leerlingenzorg op schoolniveau

Op schoolniveau is de leerlingenzorg zoveel mogelijk handelingsgericht.

De intern begeleider coördineert de leerlingenzorg op school en ondersteunt en begeleidt de leerkrachten bij het geven van de zorg in de klas. De intern begeleider houdt drie keer per jaar met elke groepsleerkracht een groepsbespreking. Deze  groepsbespreking wordt voorafgegaan door een klassenbezoek. Voor gesignaleerde leerlingen wordt extra tijd vrij gemaakt. De intern begeleider is tevens verantwoordelijk voor het monitoren van de toetsgegevens, het analyseren ervan en, samen met de directeur, het maken van specifiek beleid.

Op school zijn diverse schoolspecifieke groeidocumenten betreffende de leerlingenzorg:

-het protocol leesproblemen en dyslexie

-protocol aandachtskinderen

-protocol meerbegaafdheid

-bovenschools protocol rugzakleerlingen

Bovenschoolse leerlingenzorg

Onze school participeert in het Openbaar Samenwerkingsverband "Passendwijs regio Rheden, Rozendaal".  

Drie keer per jaar breng het zorgteam van het samenwerkingsverband een consultatiebezoek aan school.  Tijdens deze bezoeken worden zowel de algemene leerlingenzorg op schoolniveau besproken als enkele gesignaleerde leerlingen met leer- en/of gedragsprobleem die extra zorg nodig hebben. In het zorgteam worden  adviezen gegeven m.b.t. begeleiding van leerlingen en afspraken gemaakt m.b.t. vervolgtraject zoals bijvoorbeeld welke leerlingen nader (psychologisch) onderzoek nodig hebben.

Zorg aan leerlingen met een beperking of handicap

In principe hebben alle ouders die een kind hebben met een beperking of handicap de keuzevrijheid om hun kind te plaatsen op een school voor regulier onderwijs, in plaats van het speciaal onderwijs. De school doet er alles aan om een leerling met een beperking passend onderwijs te geven. Het recht op de vrije onderwijskeuze betekent echter niet dat nieuwe kinderen met een beperking automatisch op onze school geplaatst kunnen worden. Er zijn grenzen aan onze zorg. Deze wordt vastgelegd in ons onderwijszorgprofiel per 1 augustus 2012.

Soms is de handelingsverlegenheid van school zo groot dat er in overleg met de ouders en het bovenschools zorgteam moet worden besloten dat het kind een beter en passender onderwijsarrangement krijgt op een andere school in de regio, bijv. op een school met een breder zorgprofiel dan dat van ons of op een school voor speciaal onderwijs. Voor elke leerling die aangemeld wordt en voor wie bij de aanmelding al duidelijk is dat er van de school een extra zorginvestering wordt gevraagd, wordt een individueel besluit genomen. De procedure die we daarbij hanteren ligt vast in het bovenschools zorgprofiel.

LGF leerlingen.

In het kader van het recht op keuzevrijheid en de toenemende vraag naar integratie van gehandicapte kinderen en kinderen met een beperking in de samenleving, kunnen ouders voor het regulier basisonder­wijs kiezen in plaats van het speciaal onderwijs.

Het gaat om kinderen die een verwijzing hebben voor of doorverwezen moeten worden naar een school voor speciaal onderwijs van een van de vier clusters.

Voor elk kind van wie bij de aanmelding al duidelijk is dat er van de school een extra zorginvestering wordt gevraagd, wordt een individueel besluit genomen op basis van het protocol “leerling-gebonden financiering”. De LGF gelden worden ingezet voor individuele RT en aanschaf van materialen die nodig zijn voor deze specifieke leerling. Ouders en school ontvangen verder ondersteuning van de ambulant begeleiders vanuit de ver schillende clusters.

Zorg aan meerbegaafde leerlingen

Wanneer een 4 jarige leerling ongeveer 4 - 6 weken op school is vindt er  een intakegesprek tussen ouders en leerkracht plaats. Daarin proberen wij zoveel mogelijk gegevens van de ontwikkeling van de leerling in kaart te brengen.

Als blijkt dat een leerling kenmerken vertoont die zouden kunnen duiden op meerbegaafdheid wordt deze leerling na overleg met IB’er en coördinator meerbegaafdheid  beter in kaart gebracht middels het digitaal handelingsprotocol hoogbegaafdheid  (DHH). Ouders worden hier intensief bij betrokken.

De school kiest er voor om meerbegaafde leerlingen waar mogelijk bij hun leeftijdsgenoten in de groep te laten. Voor deze leerlingen kiezen we voor verkorte instructies en het compacten, verdiepen en verrijken van het leerstofaanbod. Binnen het terrein van wetenschap en techniek, in de ruimste zin van het woord, zijn er volop mogelijkheden voor meerbegaafde leerlingen om hun talenten optimaal te kunnen ontplooien. Te denken valt o.a. aan presentaties geven over een onderwerp uit de wereldoriëntatie, verdieping in poëzie en kinderliteratuur, aanleren van een nieuwe taal …etc.

Om tegemoet te komen aan meerbegaafdheid en ontwikkelen  van talenten is ons didactisch handelen van essentieel belang.

Het directe instructie model

De school kiest voor een convergente differentiatie. In principe wordt er gedifferentieerd naar tempo, verdieping, verbreding en instructietijd om tegemoet te komen aan de verschillen tussen leerlingen.

Handelingsgericht werken

Handelingsgericht werken is een systematische manier van werken. Hierbij wordt het onderwijsaanbod afgestemd op de basisbehoeften en onderwijsbehoeften van ieder kind. Deze behoeften formuleer je door aan te geven wat een kind nodig heeft om een bepaald doel te kunnen bereiken. De centrale vraag is: Wat vraagt het kind van ons? Welke benadering, aanpak, ondersteuning, instructie etc. heeft het nodig? Kindkenmerken worden vertaald naar onderwijsbehoeften. Men richt zich niet zozeer op de beperkingen van een kind, maar meer op wat het nodig heeft om bepaalde doelen te bereiken en welke aanpak een positief effect heeft.


Vanuit dit gedachtegoed stellen wij onze hulpplannen (individuele- en groeps-handelingsplannen) op. Eerst wordt een didactische en pedagogische analyse gemaakt van de leerling, waar zowel resultaten als onderwijsbehoeften van het kind verwerkt worden. Op basis van deze gegevens worden de leerlingen van een groep verdeeld in clusters. Voor deze clusters wordt een groepshandelingsplan opgesteld waarin concreet wordt omschreven hoe er voorzien wordt in de onderwijsbehoeften van deze groep leerlingen of deze individuele leerling.

Groepsbesprekingen

Drie keer per jaar vinden er groepsbesprekingen plaats. Hierin wordt de desbetreffende groep besproken en  wordt afgesproken welke acties we ondernemen met betrekking tot de eventueel aanwezige zorgleerlingen.

De IB -er voert deze groepsbespreking samen met de groepsleerkracht(en) en verwerkt de administratie van de bespreking.

De IB -er begeleidt de groepsleerkrachten bij het maken van handelingsplannen en ondersteunt hen bij de uitvoer en evaluatie daarvan. Ook coacht de IB -er de leerkrachten bij het mogelijk maken van de zorg op klassenniveau.

De doorgaande ontwikkelingslijn van de kinderen wordt mede bewaakt door mondelinge en schriftelijke communicatie binnen het team en door vastlegging in het leerlingendossier.

Om de vorderingen van de kinderen inzichtelijk te maken voor de leerlingen en ouders, dragen wij zorg voor een overzichtelijk rapport dat twee keer per jaar wordt uitgereikt.